Krokodilwachter


Krokodilwachter

Pluvianus aegyptius

Engels Egyptian plover / Crocodile bird / Nile bird
Duits Krokodilwächter
Deens Krokodilvogter
Frans Pluvian d'Egypte
Spaans / Portugees Pluvial
   
Rijk Animalia (Dieren)
Stam (Phylum) Chordata (Chordadieren)
Klasse Aves (Vogels)
Orde Charadriiformes (Zee- en kustvogels)
Familie Glareolidae
Geslacht Pluvianus
Soort Pluvianus aegyptius
   
Legsel 2 tot 3 eieren
Voorkomen Noord- en Centraal Afrika
Habitat Zanderige rivieroevers
   
Verstrekt voedsel Zee-eendenkorrel, standaard eendenkorrel, meelwormen
   
Gewicht 80 tot 90 gram
Lengte schedel 46 mm
Lengte snavel 22 mm
Lengte cranium 24 mm
Breedte cranium 16 mm
Hoogte cranium 22 mm
Schedel ratio (Lengte cranium/snavel) 2.09


Krokodilwachter

Een mythe

Een vogel waar veel over geschreven is in het verleden is de Krokodilwachter. Voorkomend in Noord- en Centraal Afrika op de zandbanken van rivieren zou hij zeer dicht bij de Nijlkrokodil durven komen. Op de rug zou hij scharrelen naar parasieten en zelfs in de openstaande muil van het reptiel zou de vogel vleesrestjes en parasieten zoeken. In het jaar 459 voor Christus beschreef de Griekse schrijver Herodotus als eerste dit merkwaardige gedrag. Hij zou dit meerdere keren tijdens zijn bezoek hebben waargenomen.
Waar of niet, in de negentiende eeuw werd deze mythe verder geromantiseerd door A. Brehm, en later in de twintigste eeuw, door R. Meinertzhagen. Beide zeggen meerdere malen de Krokodilwacher in de bek van de Nijlkrokodil te hebben gezien. In 1996 echter, wordt door Maclean geconcludeerd dat er nog nooit enige aanwijzingen zijn geweest dat de vogels daadwerkelijk de bek van de roofdieren binnen zou stappen, want er zijn simpelweg nog nooit videobeelden of foto’s van gemaakt. Toch is het vreemd dat een vogel die de naam heeft dit gedrag te vertonen, het juist niet zou doen, want van enkele andere soorten is wel degelijk bewijs geleverd dat zij soortgelijk gedrag vertonen.
Hoe dan ook, de Krokodilwachter is zonder meer een vogel met een bijzonder verhaal.

In het wild

In hun oorspronkelijke leefgebied rennen de vogeltjes voortdurend achter laagvliegende insecten aan, maar ze jagen zo nu en dan ook op kleine amfibieën. Ze zullen zelfs met hun snavel steentjes omkeren om te kijken of er een klein lekkernij onder verstopt zit. Het liefst speelt dit alles zich af op gravel- of zandoevers langs de rivieren, want daar vertoeven zij het liefst. Ze vliegen geregeld in groepjes laag over het water, en vooral dan is hun hoge roep vaak te horen. Voor veel dieren aan het water is deze roep een teken van gevaar. Wanneer een Krokodilwachter dan ook zijn stem laat horen, zijn de vele andere diersoorten gewaarschuwd en direct op hun hoede voor roofdieren.

In het broedseizoen kunnen deze kleine monogame steltlopertjes vrij agressief zijn en de mannetjes zullen dan ook een territorium proberen af te bakenen, het liefst op een klein zandeilandje dat makkelijk te verdedigen is. De Krokodilwachter is naast de Krabplevier (Dromas ardeola) de enige soort in de orde van de Charadriiformes die de eieren niet open en bloot laat liggen, maar ze in het zand begraaft. Als wij in onze lage landen in het veld Grutto eieren vinden, zijn we vaak verbaasd hoe een Grutto (Limosa limosa) zijn eieren in het lange gras terug kan vinden. Bij de Krokodilwachter is dit helemaal een raadsel want hij begraaft zijn 2 tot 3 eieren in het zand. Een nest kan door slechts oppervlakkig te kijken absoluut niet gevonden worden, want de eieren liggen soms op meer dan 10 cm diepte! De reden hiervoor zal ongetwijfeld met de voorzichtigheid van de ouders te maken hebben, want een roofdier zal zo moeilijk een nest kunnen vinden om te plunderen.
Wat belangrijker is, is dat een goed verloop van het broedproces afhankelijk is van het zand. De begraven eieren worden namelijk uitgebroed door de zonnewarmte, want het nestje ligt in de volle zon. Bovendien moeten de eieren heel droog liggen. Wordt het te warm in het zand, dan gaat moeder vogel op het nest liggen voor extra schaduw, en mocht het nog steeds te warm zijn, dan zal het vrouwtje haar borstveren nat maken in het water en zo over het ‘nest’ sprenkelen.
De kuikens zijn nestvlieders en gaan met vader en moeder al snel op stap nadat ze uit het ei gekropen zijn. Wanneer er gevaar dreigt voor de jonge vogels worden zij terug onder het zand begraven zodat ze voor roofdieren moeilijk te zien zijn. Toch hebben de kuikens van zichzelf al een goede schutkleur, net als de eieren trouwens.

In Avicultuur

Als men deze feiten op een rijtje zet mag men ervan uitgaan dat kweek in beschermd milieu moeilijk zal zijn, maar gelukkig komt dit de laatste jaren steeds vaker voor, ook in particuliere collecties. Mijn drie Krokodilwachters zijn gehuisvest in een ruime volière van 12x14 meter en een hoogte van 2,5 tot 3 meter. Daarnaast hebben zij de beschikking over een binnenvolière van zo'n 2x2,5 meter (2,2 meter hoog) met zand op de bodem. Deze binnenvolière is vorstvrij.
De vrije-vlucht volière is zo natuurgetrouw ingericht; een vijver van 3x3 meter was oorspronkelijk gemaakt voor eenden, maar met een beekje van zo'n 5 meter lang is deze ook geschikt voor waadvogels als de Krokodilwachter. Overigens moet ik zeggen dat de Krokodilwachters zeer veel in de buurt van het water te vinden zijn, echter ik heb ze nog niet ín het beekje (0 tot 15 cm diep) zien waden. Wel zijn ze aan de oever voortdurend naar insekten aan het zoeken.
Op het zandstrandje staat een schaal klaar met daarin een kant-en-klaar voeder voor insekten-etende vogels. Aangevuld met meelwormen en hun poppen. Ik heb geprobeerd om ze levende visjes (gevangen stekelbaarsjes in een ondiepe schaal met water) te voeren, maar deze werden niet gegeten of zelfs maar aangeraakt.

Wanneer zij zich bedreigd voelen proberen ze eerst lopend weg te komen door vrijwel onzichtbaar door het lange gras weg te glippen naar de struiken. Wanneer het 'gevaar' (in de meeste gevallen ikzelf) te snel dreigt te komen, vliegen ze luidruchtig op om aan de andere kant van de volière weer te landen.

Het najaar van 2003...

Ik heb nu al een aantal maanden mijn Krokodilwachters en het zijn erg mooie en levendige dieren blijkt na deze tijd! Erg leuk om naar te kijken!

Een maand geleden is helaas een van de drie Krokodilwachters dood gegaan. Na autopsie bleek dat zijn longen aan weefsel waren vergroeid, wat niet hoort. Waarschijnlijk is hij dood gegaan aan benauwdheid én honger...want als je het benauwd hebt eet het niet zo makkelijk meer. Hij was dan ook vrij mager toen ik hem dood in het gras vond. De spoelworm in zijn slokdarm kan niet de doodsoorzaak zijn geweest, die worm was veel te klein, en een kleine parasiet kan vaak niet veel kwaad bij een vogel.

Begin oktober (2003) heb ik de Krokodilwachters naar binnen verhuisd, het zijn namelijk erg koude gevoelige vogels. Hun winterverblijf bestaat uit 2 afzonderlijke 'volières' die door een schuifdeur tot één volière te vormen zijn. In de meeste gevallen staat dit schuifdeurtje open, zodat de vogels meer ruimte hebben. Mocht het nodig zijn dan kunnen ze dus ook apart van elkaar gehuisvest worden, of in een van beide kooien kunnen andere vogels worden gehuisvest. Als het een strenge winter wordt kan het namelijk verstandig zijn om de kluten en/of kievitten naar binnen te verhuizen.

Binnen geef ik de Krokodilwachters hetzelfde voer als buiten, aangevuld met een vitamine suplement (met extra Vitamine A). De bodem van de binnenvolière bestaat overigens uit rivierzand, wat relatief makkelijk schoon te houden is (mits de bezetting niet te vol is) en het vormt een natuurlijke bodem voor de vogels. Daarnaast heb ik enkele stenen liggen waar ze graag op staan ('uitkijkpost') want ook in de grote volière buiten stonden ze graag eens op een verhoging. Er hangt een Elstein warmtestraler zo'n 70 cm boven de grond in een hoek van de kooi, zodat ze des gewenst warm kunnen zitten. De winterverblijven zijn hierdoor altijd vorstvrij en verwarmd. Het drinkwater (in 2 bakjes) ververs ik eenmaal per dag. Eenmaal per week voeg ik hieraan de extra vitaminen toe (dus oplosbaar in water).

Bronnen

- Bird Skull Collection
- International Species Information System (ISIS)
- Het Vogelei
- Coursers and Pratincoles

 

© Jan Harteman / Harteman Wildfowl / www.harteman.nl