Brilduif (Brillenduif)
Metriopellia ceciliae
Grootte: 19 cm
Brilduifjes leven in Peru, Bolivia en noordelijk Chili.
Het zijn kleine grondduifjes die men momenteel overal kan aantreffen, zowel in bossen als in dorpen, zelfs in de steden tussen de stadsduiven. Oorspronkelijk waren het bergduifjes die men slechts zelden te zien kreeg.
Het verschil tussen doffer en duivin is bij deze soort goed zichtbaar.
De doffer heeft meer roze op de borst, een diepgele oogrand en een smaller bekken.
De duivin heeft een breder bekken (zij legt de eitjes), een minder gele oogrand en minder roze op de borst.
Deze duiven zijn zeer goed te houden in een volière. Ze zijn niet volledig winterhard en gaan normaal vrij gemakkelijk tot kweken over, tot soms wel 6 maal per jaar.
Er is speciaal tortelduiven voer, maar ook een parkietenmengeling volstaat. U kunt extra eiwitkorrel voeren en in de zomer wat bessen. Verder vooral vers drinkwater, wat mineralen, grit en een piksteen beschikbaar stellen. Een buffalowormpje op z'n tijd is een lekker tussendoortje.
In het broedseizoen moet je wel een gesloten nestbakje voorzien (zoals parkietenblokken) omdat het holenbroeders zijn. Bij goede koppels wordt 5 keer gebroed per jaar. Ze mogen overal bijgeplaatst worden aangezien ze een zeer rustige aard hebben. Ze nemen zeer graag een stof- of zandbad.
Met dank aan G. Dewilde en J. Dams, België
© Jan Harteman / Harteman Wildfowl / www.harteman.nl
© J. Dams
Engels: Bare-faced Grouddove
Duits: Brillentaube
Frans: Colombe de Cécile
Spaans: Palomita cascabelita
Broedtijd: 14 dagen
Ringmaat: 4 mm
Snavelkleur: zwart
Poten: roze
Iris: rood met zwarte pupil