Europese tortel (Zomertortel / Bostortel)
Streptopelia turtur
Grootte: 26 cm
Het verspreidingsgebied van de Europese tortel of ook wel zomertortel, loopt van Noord- tot Zuid-Europa en de Oostbloklanden. In de landen waar ze na de zomer vertrekken om te ruien en te overwinteren, gaan ze naar Afrika. Vanaf half april komen ze terug, steeds naar dezelfde plaats, om meteen aan gezinsuitbreiding te beginnen.
Het verschil tussen doffer en duivin is bij deze soort vrij moeilijk te zien.
De doffer is iets groter en feller van kleur. De duivin heeft een breder bekken.
Deze duiven zijn zeer goed te houden in een volière. Ze zijn winterhard en gaan normaal vrij gemakkelijk tot kweken over. Deze vrij rustige duiven kunnen met de meeste andere soorten samen gehuisvest worden. Houdt echter nooit verschillende soorten tortelduiven bij elkaar, want dat wordt oorlog.
Er is speciaal tortelduivenvoer op de markt. Eiwitkorrel kunt u bijvoeren en in de zomer ook wat bessen. Verder vooral vers drinkwater, wat mineralen, grit en een piksteen beschikbaar stellen. Ook wat wildzangzaad zal graag opgenomen worden.
In het broedseizoen hoeft u zich geen zorgen te maken over nesten want die maken deze duiven zelf in een struik of boom. Ze gebruiken ook wel een halfopen nestkast. Bij goede koppels worden er 3 nesten per jaar groot gebracht. Het zijn ideale duiven voor een beginnend liefhebber. Ze mogen overal bijgeplaatst worden aangezien ze een zeer rustige aard hebben. Zorg ervoor dat eventuele late jongen voor de koude dagen uitgeruid zijn anders kunnen ze verzwakken en sterven.
Met dank aan G. Dewilde, België
© Jan Harteman / Harteman Wildfowl / www.harteman.nl
© Jan Harteman
Engels: Turtle dove
Duits: Turteltaube
Frans: Tourterelle de bois
Spaans: Tortola Europea
Broedtijd: 15 dagen
Ringmaat: 6 mm
Snavelkleur: zwartachtig
Poten: rood
Iris: oranjerood
© Jan Harteman
Ondersoort: Streptopelia turtur meena © Seth Martens
Het zijn bewoners van bossen en halfopen woongebieden.
Vleugelstudie van een Europese tortelduif. © Jan Harteman
© G. Dewilde
© G. Dewilde